Nijeveld

Ligging Het kasteel stond ten westen van De Meern, in het toekomstige recreatiegebied in Leidsche Rijn in de nieuwe woonwijk Veldhuizen. Het kasteelterrein is opgenomen in het De Milan Viscontipark.

Kleuren-gravure van het kasteel (klein formaat)

Andere benaming Nyevelt
Ontstaan In ieder geval stond het kasteel er al in 1288.
Geschiedenis Het is niet bekend wanneer het kasteel Nijeveld gesticht is. In 1288 komen we een Dirk van Zuylen tegen, die zich ook Dirk van Nyevelde laat noemen. Dit kan er op duiden dat er toen al een kasteel Nijeveld bestond. Dit vermoeden wordt versterkt door het feit dat hij de vader van Steven van Zuylen is, die in 1311 door de deken van St. Jan met kasteel Nijeveld met 26 morgen land wordt beleend. Gelet op de toponiemen gaan we er van uit dat het kasteel tussen 1250 en 1288 gebouwd is.
De vele twisten tussen de bisschop van Utrecht en de graaf van Holland hebben tot gevolg dat Nijeveld in 1356 belegerd wordt door Johan van Egmond en vervolgens geplunderd en verwoest. Of het kasteel daarna (deels) herbouwd werd is niet duidelijk. De toenmalige leenman, Steven (II) van Zuylen van Nyeveld, kleinzoon van bovengenoemde Steven, wordt in 1366 burger van Utrecht en in 1379 kastelein op het kasteel Stoutenburg, dat eigendom van de bisschop is en bovendien was hij ook eigenaar van het Gelderse kasteel Hoevelaken.

Steven (II) wordt opgevolgd door zijn zoon Jacob. Door hem wordt aan het begin van de 15e eeuw het kasteel Geerestein, waar hij gaat wonen en na zijn dood blijft zijn weduwe Elisabeth van Nijenrode er wonen. Na haar dood in 1425 volgt Steven (III) van Zuylen van Nijeveld op. Er zijn vrij veel gegevens over de familie Van Zuylen van Nijeveld bewaard gebleven, maar tussen 1356 en 1579 wordt er niets vermeld over het kasteel Nijeveld. Het lijkt er dan ook sterk op, zoals eerder vermeld, dat het kasteel na de verwoesting door Johan van Egmond niet meer hersteld of herbouwd werd.
In 1536 wordt kasteel Nijeveld als ridderhofstad erkend. Volgens de voorwaarden waarin een kasteel moest voldoen, zou er sprake moeten zijn van een bewoonbaar kasteel. Maar na onderzoek bij andere kastelen, werd aan deze voorwaarde lang niet altijd voldaan.
Het leen Nijeveld vererfde door het uitsterven van het geslacht Van Zuylen van Nijevelt via erfdochter Odilia op de familie Van Rossum. Zij was getrouwd met Jan van Rossum, een broer van de bekende Maarten van Rossum. Deze familie zal ook niet veel belang hebben gehad bij een kasteel Nijeveld, omdat ze hun belangen voornamelijk in Gelderland hadden. Ze hadden de beschikking over een groot stadspaleis achter de kerk van Zaltbommel. Odilia en Jan werden opgevolgd door hun zoon Steven, die echter financiële moeilijkheden kreeg. Hij besloot Nijeveld in 1579 te verkopen aan Wilhelmina van Haeften, getrouwd met Walraven van Brederode.

Walraven van Brederode kon als bezitter van Nijeveld al in 1580 zitting nemen in de Utrechtse ridderschap en dit echtpaar heeft kasteel Nijeveld 'laten repareren en vele verbeteren'. Door de bekende Utrechtse oudheidkundige Aernoud van Buchel werd in de 17e eeuw een dagboek bijgehouden en zo weten we dat het kasteel in elk geval in 1591 was hersteld. In 1608 sterft Wilhelmina kinderloos en het kasteel vererft op een nicht: Theodora van Haeften. Ze is een dochter van een broer van Wilhelmina en was inmiddels weduwe van Floris van Brederode. Gedurende 17 jaar is zij eigenaresse van Nijeveld en doet dan het kasteel over aan haar derde zoon Johan Wolphert, die al enkele jaren heer van Brederode, Vianen en Ameide is.
Het kasteel is nu eigendom van de familie Van Brederode. De informatie over Nijeveld is erg beperkt. Aan de hand van een tekening van Jan de Beyer uit 1745 weten we, dat het kasteel dan een ruïne is. Mogelijk is het kasteel in het rampjaar 1673 door de Fransen verwoest. Na het overlijden van Johan Wolphert komt het kasteel in bezit van diens zoon Wolphard, die in 1679 kinderloos sterft. Het kasteel vererft dan op zijn zus, die getrouwd is met Carel Emilius, graaf van Dohna. Omdat ook dit echtpaar geen nakomelingen heeft, komt het na hun dood in bezit en zus van graaf Carel Emilius. Ze trouwt met Simon Hendrik von der Lippe und Detmold. Hoogstwaarschijnlijk hadden de Van Brederode's al niet veel belang bij het kasteel, en die kans werd nu helemaal miniem, omdat de Von der Lippe’s op slot Detmold woonden. Hun zoon Frederik Adolf besluit dan ook in 1710 de ruïne aan Daniël de Milan Visconti.

Daniël was een vermogend man en wist door aankoop ook eigenaar te worden van de ridderhofstad Hindersteyn en het huis Snellenburg en bezat hij de titels ambachtsheer van Velthuysen, Bijlevelt, Rosweyde, Reyerscop en Oude Rijn en was hij kanunnik van het kapittel van St. Marie. Hij wilde Nijeveld laten herbouwen en een tuin in Franse stijl laten aanleggen. Hij gaf hiertoe de opdracht aan de architect Daniël Marot. Door zijn grootheidswaanzin verloor hij zijn positie en ging de herbouw van de tot ruïne vervallen kasteel Nijeveld niet door.
Een kleinzoon van Daniël sterft in 1765 kinderloos en zijn erfgenamen besluiten om van wat er over is van het kasteel te verkopen aan Jan Pieter Nicolaas van Reede. Deze verkoopt drie jaar later Nijeveld aan een broer en via diens dochter komt het dan in bezit van Johan Anthonie, jonkheer van Lawick van Pabst. Van Nijeveld zal in die tijd niet veel meer over zijn dan een berg puin. Het kasteelterrein is nog steeds in bezit van deze familie.
Bouwgeschiedenis Bij archeologisch onderzoek in het zuiden van De Meern is komen vast te staan dat er in het begin van de 13e eeuw als sprake was van bewoning in dit gebied, waardoor het heel aannemelijk is dat Nijeveld in de 13e eeuw gesticht is.
Op de plek van het kasteel zien we nu twee dichtbegroeide eilanden, waarvan het noordelijke eiland een grootte heeft van ca. 42 x 45 m. Hierop stond een nagenoeg vierkant kasteel dat door de familie Van Zuylen in de tweede helft van de 13 eeuw werd gebouwd, overeenkomstig het kasteel Duurstede, dat ook door hen werd gebouwd. De betekenis van het zuidelijke eiland met sterk afgeronde hoeken is onduidelijk. Op de kadastrale minuut van 1832 is dit eiland rond met een doorsnee ca 35 m, maar mogelijk heeft de landmeter zich hierbij vergist. Het is volledig onzeker of hier werkelijk van een ronde vorm met een bijbehorende ronde burcht sprake is geweest, er zijn geen bewijzen dat dit eiland bewoond is geweest.
Ten oosten van het noordelijke eiland is een deel van een gracht aan te wijzen, waardoor het vermoeden bestaat, dat zich hier de voorburcht bevond. Het kasteel had duidelijk een militaire functie, anders was het in 1356 niet gedurende zeven weken belegerd door de grafelijke troepen. Steven van Zuylen en zijn manschappen zagen zich na zo'n lang beleg genoodzaakt zich over te geven, waarna het kasteel werd verwoest.

De herbouw van het kasteel had hoogstwaarschijnlijk pas plaats nadat het in bezit was gekomen van Wilhelmina van Haeften en Walraven van Brederode. In 1591 komen we in het dagboek van Aernout van Buchel een beschrijving van het herbouwde kasteel tegen. Bij het kasteel was nu 'een zeer verzorgde tuin, vol zeldzame bomen en planten, die met veel zorg wordt bijgehouden door de slotvoogd Jacob Sanders'.
Daarna komen we het kasteel tegen op een tekening van Roelant Roghman uit 1646/7 en een in het Ridderhofstedenboek uit ca. 1665. We zien hierop het kasteel in welstand en aan de hand van deze tekeningen en een opmeting van het nog bestaande muurwerk kunnen we ons een beeld vormen van de verschillende gebouwen waaruit het kasteel tussen 1580 en 1665 bestond.

In de eerste plaats zien we een groot gebouw van 14 meter lengte op de zuidoosthoek, bestaande uit een kelder en één woonlaag gedekt door een zadeldak tussen trapgevels. Het gebouw heeft Vlaamse gevels en vensters die vanaf 1580 in zwang waren. Tegen dit gebouw stond een tweede gebouw van ongeveer 10 meter breed, dat 4 meter naar achter was geplaatst, waarin zich een doorgang bevond, waardoor het mogelijk was vanuit de kelder het water te bereiken. Op dit tweede gebouw sloot een muur aan die een binnenplein omsloot. In deze muur was direct naast het tweede gebouw de toegangspoort met kantelen aangebracht. Hier kon men via een houten brug met ophaalbrug over de gracht het kasteel betreden.
Op de noordoosthoek en de noordwesthoek in deze muur stonden twee naar voren springende vierkante torens van waarschijnlijk 6 meter in het vierkant. De grote zuidoostelijke vleugel had muren van 2 meter dik, terwijl de andere vleugel muren van 1,24 meter dik had. Uit dit gegeven vermoeden we dat de grote vleugel vroeger hoger is geweest en een zaaltoren was. Haaks op deze vleugel stond, zoals we kunnen zien op een tekening van C. Pronk uit 1730, een enkele meters terugliggende onderkelderde zuidvleugel met trapgevels en bestaande uit één woonlaag. De twee vierkante hoektorens zijn in 1730 verdwenen, waarschijnlijk door de verwoesten van de Fransen in 1672. Het kasteel is daarna steeds verder in verval geraakt en op de kadastrale minuut uit 1832 zien we geen bebouwing meer aanwezig op het terrein en is het terrein in gebruik als boomgaard.

Vanaf 1713 liet Daniël de Milan de Visconti door drie architecten een voor de aanleg van een groots opgezette tuin in Franse stijl een ontwerp maken: In de eerste plaats de bekende architect Daniël Marot; ten tweede de tuinarchitect Christiaan van Staden en nog van een anonieme ontwerper. Geen van deze ontwerpen, voor een aanleg binnen het rechthoekige terrein van de hoofdbrucht, zijn helaas ten uitvoer gebracht.
Bewoners 1288 - 1304 Dirk van Zuijlen/van Nyevelde
1304 Steven van Zuylen (zoon), getrouwd met Mabelia
- 1355 Jacob van Zuijlen van Nijevelt (zoon), getrouwd met Christine Uten Ham
1355 - 1400 Steven (II) van Zuijlen van Nijevelt (zoon), getrouwd met Agnes van Heemskerk
1400 - 1418 Jacob van Zuijlen van Nijevelt (zoon), getrouwd met Elisabeth van Nijenrode
1418 Steven (III) van Zuijlen van Nijevelt (zoon), getrouwd met Elisabeth van Ooy
- 1473 Jacob van Zuijlen van Nijevelt (zoon), getrouwd met Oda de Rovere van Montfoort
1473 - 1483 Hendrik van Zuijlen van Nijevelt (zoon)
1483 - 1507 Steven (IV) van Zuijlen van Nijevelt (broer), getrouwd met Walravina van Broekhuizen
1507 - 1516 Frans van Zuijlen van Nijevelt (zoon)
1518 - 1547 Odilia van Zuijlen van Nijevelt (dochter), getrouwd met Johan IV van Rossum
1547 - 1579 Steven van Rossum (zoon), getrouwd met Josina van Zuylen van de Haar
1579 - 1607 Wilhelmina van Haeften (koop), getrouwd met Walraven van Brederode
1608 - 1625 Theodora van Haeften (nicht), weduwe van Floris van Brederode
1625 - 1655 Johan Wolphert van Brederode (3e zoon), getrouwd met Louise Christine Gravin van Solms
1655/9 - 1679 Wolphard van Brederode (zoon, ongehuwd)
1679 - 1684 Hedwig Agnes van Brederode (zus), getrouwd met Carel Emilius, graaf van Dohna
1684 - 1700 Amalia, gravin van Dohna (schoonzus), getrouwd met Simon Hendrik von der Lippe und Detmold
1701 - 1710 Frederik Adolf von der Lippe (zoon)
1710 - 1741 Daniël de Milan Visconti (koop), getrouwd met Mechteld Jacoba Servaes van Limburgh
1741 - 1748 Johan Servaas de Milan Visconti (kleinzoon, ongehuwd)
1748 - 1765 Gijsbert Franco de Milan Visconti (broer, ongehuwd)
1765 - 1768 Jan Pieter Nicolaas van Reede (koop), getrouwd met Christina Boomhof
1768 - 1799 Diederik Jacob van Reede (koop, broer), getrouwd met Elisabeth Wilhelmina van Utenhove
1799 - 1849 Johanna Geertruyda Maria van Reede (dochter), getrouwd met Johan Anthonie, jonkheer van Lawick van Pabst
1849 - 1881 Diederik Jacob Adrianus Albertus jonkheer van Lawick van Pabst (zoon), getrouwd met Maria Elisabeth de Braconier
1872 - 1899 Diederik Johan Anthonie Albertus jonkheer van Lawick van Pabst (zoon), getrouwd met Maria Jacoba Simonetta Rijnbende
1901 - 1925 Diederik Jacob Adrianus Albertus van Lawick, getrouwd met Catharina Elisabeth Engelen van Pijlsweert
1925 Diederik Jan Anthonie Albertus van Lamick Van Pabst
Huidige doeleinden Het kasteelterrein bestaat uit twee omgrachte eilanden, waarop een aantal bomen staan en nog een klein stukje muurwerk is zichtbaar.
Mogelijk hebben ze wel een plan met het kasteelterrein als onderdeel van het De Milan Visconipark in de wijk Veldhuizen, maar die is mij niet bekend.
Opengesteld Het kasteelterrein is vrij toegankelijk.
Foto's Foto van een gedeelte van de bewaarde slotgracht Foto van een gedeelte van de bewaarde slotgracht Foto van bewaarde gebleven muurresten Luchtfoto van het kasteelterrein
Foto van de muurresten op het kasteelterrein Foto van de ruïne Foto van de ruïne vanaf de overkant van de gracht Foto van het kasteelterrein
Tekening van Jan de Beyer van omstreeks 1745 Kleuren-gravure van het kasteel (klein formaat) Kleuren-gravure van het kasteel (groot formaat)
Bronnen Tekst: Kastelen en ridderhofsteden in Utrecht, onder redactie van B. Olde Meierink, Utrecht, Uitgeverij Matrijs, 1995
Afb. 1a en 1b: Evrard van Zuylen van Nyevelt
Foto 1 t/m 3: uit eigen collectie
Foto 4: Fotodienst Utrecht
Foto 5 t/m 8: Peter van der Wielen
Afb. 2: boek: Provincie Utrecht, 1966