Houdringe

Ligging Ten oosten van De Bilt, Holle Bilt 22.

Ansichtskaart van het huis uit 1918

Ontstaan Van oorsprong stond op deze plaats een boerderij, die behoorde van de bezittingen van het klooster Oostbroek. De naam komen we voor het eerst tegen in 1630. Van een bescheiden 'herenoptrek' is voor het eerst sprake in 1660.
Geschiedenis De eigendommen van het klooster Oostbroek vervielen na de Reformatie aan de Staten van Utrecht, die deze goederen ging verkopen. Zo is de boerderij in 1630 bewoond door Aelbert Gijsbertsz in 't Veld. Deze boerderij stond op de plaats van de huidige rechterzijvleugel. Bij de boerderij hoorde 19 morgen grond.
In de archieven komen we een Marc Mamuchet tegen, die getrouwd was met de 'erfvrouwe van Houdringe'. Hun zoon Jan Mamuchet is in 1630 eigenaar, maar het is niet precies duidelijk hoe hij eigenaar geworden is, mogelijk heeft hij het van zijn moeder geŽrft. Zuidelijk van de boerderij laat deze Jan rond 1660 een bescheiden 'herenoptrek' bouwen. Een gedeelte van de funderingen hiervan zijn in het voorterrein teruggevonden.

Het bescheiden verblijf wordt rond 1724 vervangen door weer een ander bescheiden huis, dat tegen de westgevel van de boerderij wordt aangebouwd. In 1779 is de boerderij een bouwvallig geheel geworden en wordt dan door Jan Jacob van Westreenen vergroot en verfraaid tot huidige aanzien. Vermoedelijk heeft hij de opdracht hiertoe gegeven aan de amsterdamse bouwmeester Abraham van 't Hart. Ook de tuin aan de voorzijde stamt uit die periode.
De rest van de tuin werd in 1824 veranderd in een landschapstuin.

na het overlijden van de weduwe van Jhr. Fabricius, werd in 1888 opnieuw begonnen met een grootscheepse verbouwing, waardoor het huis beter bewoonbaar werd. Door de aanbouw van een toren aan de westzijde, werd het kasteelachtige uiterlijk van het huis enorm versterkt. In deze toren werd op de bovenste verdieping een grote watertank geplaatst, om de beschikking te krijgen over stromend water.
In 1953 vertrekt A.M.A. baron van Boetzelaer van Wolferen en Loenen en daarmee eindigt de particuliere bewoning. Een jaar later verkoopt hij het landgoed aan de Stichting Het Utrechtse Landschap, die op hun beurt het huis met naaste omgeving verkopen aan de Grontmij. Dit bedrijf heeft het pand gerestaureerd en heeft er nu zijn kantoor in gevestigd.

Inmiddels is de toren weer afgebroken, zodat het huis weer herinnert aan het oude Houdringe.
Tegenwoordig heeft het huis met bijgebouwen een H-vormige plattegrond. Deze vorm heeft het huis gekregen na verbouwing en uitbreiding van de vroegere bijgebouwen. Daarvoor had het namelijk een U-vvormige plattegrond, met de opening naar het zuiden. Het hoofdgebouw domineerde toen sterk het geheel. In de zijvleugels waren de stallen, een koetshuis en dienstwoningen ondergebracht.
Bewoners ca 1619 Marc Mamuchet
1630 - 1675 Jan Mamuchet
1675 - 1720 Jan Frederik Mamuchet
1720 - 1740 Johan Frederik Mamuchet
1740 - 1769 Johanna Catharina Mamuchet, getrouwd met Jan Jacob van Westrenen
1769 - 1788 Frederik Jan van Westrenen
1788 - 1842 Pieter Hieronymus van Westrenen
1842 - 1881 Jhr. Johan Carel Willem Fabricius, heer van Leyenburg
1881 - 1887 Adriana Wilhelmina Clara Hooft, weduwe van Jhr. Fabricius
1888 - 1953 familie Van Boetzelaer
1954 Grontmij BV
Huidige doeleinden Het gebouw is in gebruik als kantoor.
Opengesteld Alleen de tuin is toegankelijk.
Foto's Foto van het huis Tekening van het huis uit 1869
Bronnen Tekst: Historische Kring van De Bilt
J.W.H. Meijer, Kleine Historie van de Bilt en Bilthoven, Uitg. Reinders, Bunnik, 1995
Afb. 1: Uit eigen collectie
Foto 1: Caroline Raat
Afb. 2: J.W.H. Meijer, Kleine Historie van de Bilt en Bilthoven, Uitg. Reinders, Bunnik, 1995