De Binckhorst

Ligging Het landhuis staat aan de Soesterengweg nr. 2 - 4 in Soest, gemeente Soest.

Foto van het toegangshek van het huis

Andere benaming De witte burcht
Ontstaan Het huis werd in 1913 gebouwd.
Geschiedenis In 1913 werd De Binckhorst gebouwd, inclusief een koetshuis en een woning voor de koetsier. Wie de bouwheer is geweest, is niet bekend. Als opdrachtgever wordt wel eens een "onbekende Russische edelman" genoemd, maar dit is zťťr twijfelachtig.
Een jaar later wordt het huis gekocht door C.C.M. de Jong, die rentenier was of al met pensioen, die er samen met zijn vrouw Sara Hanedoes gaat wonen. Bijna 20 jaar later verkoopt hij het aan IsraŽl van Essen, die het in 1936 laat verbouwen, om het vervolgens een jaar later te verkopen aan de weduwe van N.M.A.M. de Moraaz Imans, die er samen met een zoon en een dochter woont. Haar zoon Marinus SamuŽl FranÁois zat in het verzet en is bekend geworden door het verdwijnen van het Soester Bevolkingsregister in mei 1943.
Hoe lang ze er echter hebben gewoond is niet duidelijk, omdat ze nogal vaak verhuisden. Mogelijk hebben ze het huis alleen als buitenverblijf gebruikt.
In 1943 vindt er opnieuw een verbouwing plaats door F.H.F. Pas van Groot Oosterland, nadat hij het huis net heeft gekocht. Groot Oosterland was een ambachtsheerlijkheid in Zeeland. De heer Pas was echter "fout" in de oorlog, waardoor hij na de oorlog gedetineerd werd in de strafgevangenis van Scheveningen.
Tot slot was er in de jaren 70 van de vorige eeuw een biochemisch laboratorium in gevestigd, dat in 1971 en 1979 bouwaanvragen indient voor een verbouwing.

Het witgepleisterde gebouw werd in 1913 in een exotische eclectische stijl gebouwd. Er vonden verschillende verbouwingen plaats: in 1917 werd het portiek onder plat dak toegevoegd; in 1923 werd het verbouwd naar "Oosters voorbeeld" en in 1937 werd het huis uitgebreid met een verdieping.
Bij de verbouwing in 1923 werd waarschijnlijk de huidige trap in de hal aangebracht. In de houten leuning vinden we namelijk motieven van tabaksbladeren en een jonge Javaanse vrouw.
Dit zeldzame buitenhuis heeft aan alle zijden kantelen en op alle hoeken zogenaamde arkels. Op ťťn hoek na, aan de rechterzijde: hier bevindt zich een arkeltorentje met een zinken spits die uitloopt in een pinakelvormige (=torenvormige) windvaan. Aan de achterzijde bevindt zich een achthoekige huiskapel, die bekroond wordt door een achtzijdige koepellantaarn. Deze kapel heeft glas-in-lood vensters.
Het huis heeft houten lambrizeringen in neo-renaissancestijl en tegeltableaus, waarvan er een aantal in 1943 tijdens de verbouwing werden toegevoegd met het wapen van Groot Oosterland en de tekst "Luctor et Emergo".
Bewoners 1913 - 1932 Carel Cornelis de Jong
1932 - ca 1937 IsraŽl de Essen
De weduwe van Nicolaas Marius Antonius Marinus de Moraaz Imans, met 2 kinderen
1943 - 1948 F.H.F. Pas van Groot Oosterland
1948 - 1951 R.C. Konings
1951 - ca 1952 J.J. Blijdenstein, S. en G. Kuperus en D.M. Borger
ca 1952 - 1960 Firma Twentsche Matrassenfabrieken te Almelo (S. en G. Kuperus en D.M. Borger)
1960 - 1993 G.H. van Leeuwen (Enzypharm Research Laboratory)
1993 - 1995 J.B. v.d. Gridt en R.A. v.d. Grift (Trappenfabriek Sooest BV)
1995 R. Hendriks
Huidige doeleinden Het huis is bewoond.
Opengesteld Het huis is niet toegankelijk.
Foto's
Bronnen Tekst: gemeentearchief Soest, documentatie 151
Soest Monumentaal, 110 monumenten in Soestdijk, Soest, Soest-Zuid, Soestduinen en Soesterberg, Uitgave van de Historische Vereniging
Monumenteninventarisatie prov. Utrecht en gem. Soest, blz. 653 - 660
Foto 1: Peter van der Wielen